Gezondheid & Kwetsuren

Herken symptomen op tijd, lees hoe je veelvoorkomende kwetsuren kunt voorkomen, en zie welke rassen er het vaakst gevoelig voor zijn.

Artrose (Degeneratieve Gewrichtsaandoening)

Artrose kondigt zich meestal geleidelijk aan: een stroeve, wat stijve eerste stap na een periode van rust die na enkele minuten bewegen duidelijk soepeler wordt, een verminderde bewegingsvrijheid in een specifiek gewricht en, naarmate de aandoening vordert, een lichte, vaak wisselende kreupelheid die verergert bij inspanning. Bij oudere paarden wordt de aandoening soms ten onrechte afgedaan als "gewoon ouderdom", terwijl vroege herkenning het verschil maakt tussen tijdig bijsturen en onnodig snel functieverlies.

Lees meer

Equine Metabool Syndroom (EMS)

EMS herken je aan een combinatie van overgewicht en typische vetophopingen (een dikke, harde nek en vetkussens bij de staartaanzet) bij een paard dat ondanks weinig voer maar moeilijk afvalt, met als grootste risico een verhoogde kans op hoefbevangenheid.

Komt voor bij

Lees meer

Hoefbevangenheid

Warme hoeven, een bounding polsslag, verschoven gewicht naar de achterbenen en een stijve, voorzichtige gang, vooral op harde ondergrond.

Komt voor bij

Lees meer

Inflammatoire Luchtwegaandoening (IAD)

IAD verraadt zich zelden met zichtbare ademnood in rust, maar veel vaker met een subtiele, terugkerende hoest — met name bij het begin van inspanning of bij overgangen tussen gangen — een langzamer herstel van de ademhaling na training en een prestatie die geleidelijk terugloopt zonder duidelijke andere oorzaak. Sommige paarden vertonen daarnaast af en toe wat helder slijm bij de neusgaten, vooral 's ochtends na een nacht op stal.

Komt voor bij

Lees meer

Insulineresistentie (insulinedysregulatie)

Insulineresistentie is zelf onzichtbaar en wordt pas duidelijk via bloedonderzoek, maar geeft zich in de praktijk bloot doordat een paard steeds gevoeliger wordt voor hoefbevangenheid na het eten van zetmeel- of suikerrijk voer of vers gras.

Komt voor bij

Lees meer

Kissing Spines (Overriding Doornuitsteeksels)

Kissing spines uit zich zelden als een duidelijke kreupelheid, maar veel vaker als subtiel gedragsverzet onder het zadel: bokken of piafferen bij het aangorden, een hol wegduikende rug bij het opstijgen, tegenstribbelen bij het aannemen van het bit of onwil om door te buigen. Veel eigenaren merken het voor het eerst op als een prestatieprobleem — minder souplesse, weerstand tegen verzameling — in plaats van als een klassiek pijnsignaal.

Komt voor bij

Lees meer

Koliek

Koliek is de verzamelnaam voor buikpijn bij het paard en uit zich meestal in onrustig gedrag: trappelen, achterom kijken of bijten naar de flank, vaker dan normaal (proberen te) gaan liggen en rollen, en verminderde of uitblijvende mestproductie. De ernst loopt sterk uiteen, van een mild, vanzelf overgaand ongemak tot een acuut levensbedreigend spoedgeval — het onderscheid is met het blote oog niet altijd meteen te maken.

Lees meer

Maagzweren (EGUS)

Maagzweren verraden zich bij paarden zelden met één duidelijk signaal, maar eerder met een optelsom van vage klachten: verminderde eetlust, merkbaar langzamer eten, een doffe vacht en tandenknarsen. Bij een deel van de paarden uiten ze zich juist als terugkerende, milde koliekverschijnselen, onverklaarbaar gewichtsverlies of een duidelijke terugval in prestatie.

Komt voor bij

Lees meer

Osteochondrose (OC/OCD)

Osteochondrose valt bij jonge, snelgroeiende paarden meestal op als een gezwollen, warm aanvoelend gewricht — vaak het spronggewricht, kogelgewricht of de knie — soms met een wisselende, milde kreupelheid die na rust tijdelijk afneemt. Bij een aanzienlijk deel van de dieren blijft de aandoening echter volledig symptoomloos en komt hij pas bij toeval aan het licht, bijvoorbeeld tijdens een röntgenonderzoek bij een aankoopkeuring.

Komt voor bij

Lees meer

Peesblessures (Pees- en Bandletsel)

Peesblessures vallen meestal op als een warme, gezwollen plek aan de achterzijde van het onderbeen, vaak gepaard met gevoeligheid bij aanraken en een acute kreupelheid die kort na of tijdens intensieve inspanning ontstaat. Bij een sluipender beloop is het eerste signaal soms alleen een lichte, wisselende stijfheid of een subtiele verdikking van de pees, die pas bij vergelijking met het andere been echt opvalt.

Komt voor bij

Lees meer

PPID (Cushing)

PPID valt bij oudere paarden meestal het eerst op door een vacht die niet meer volledig of op tijd wisselt — lang, golvend en soms krullend haar dat 's zomers blijft zitten — samen met geleidelijk spierverlies over de rug en het achterstel, een bolle buik ondanks een verder magere top, en meer drinken en plassen dan voorheen. Veel eigenaren merken deze veranderingen pas op als een opeenstapeling van "gewoon oud worden", terwijl vroege herkenning de kans op complicaties zoals hoefbevangenheid aanzienlijk verkleint.

Lees meer

PSSM2 (Polysaccharide Storage Myopathy type 2)

PSSM2 uit zich als een sluipende spierziekte: stijfheid en tegenzin om voorwaarts te bewegen, wisselende kreupelheden zonder duidelijke oorzaak en een geleidelijk verlies van topline- en bilspiermassa ondanks regelmatige training.

Komt voor bij

Lees meer

Zomereczeem

Hevige jeuk bij manenkam, staartaanzet en buiklijn, met kaalgeschuurde plekken en korstvorming, vooral in het voorjaar en de zomer.

Lees meer